Een restschuld is de schuld die overblijft als je woning minder opbrengt dan je hypotheek. Het klinkt als een probleem uit een ander tijdperk, maar bij dalende huizenprijzen of een gedwongen verkoop kan het iedereen overkomen. Begrijpen hoe het ontstaat, helpt je het risico te beperken.
Hoe een restschuld ontstaat
Restschuld ontstaat als de verkoopopbrengst lager is dan je openstaande hypotheek. Dat gebeurt vooral bij wie weinig heeft afgelost, kort na aankoop alweer verkoopt, of verkoopt in een dalende markt. Wie destijds maximaal en aflossingsvrij financierde, loopt het grootste risico.
De rol van NHG
Heb je je woning met Nationale Hypotheek Garantie gekocht, dan kan NHG bij een gedwongen verkoop door bijvoorbeeld scheiding of werkloosheid de restschuld kwijtschelden, mits de verkoop buiten je schuld ligt. Dat vangnet is precies de reden waarom veel kopers voor NHG kiezen.
Hoe je het risico beperkt
- Los af: met een annuïteiten- of lineaire hypotheek daalt je schuld gestaag.
- Bouw een buffer op: extra aflossen in goede tijden vergroot je marge.
- Verkoop niet overhaast: tijd in de markt verkleint de kans op onderwaarde.
Wat als je toch een restschuld hebt
Blijf je na verkoop met een restschuld zitten zonder NHG-dekking, dan moet die worden afbetaald. Vaak kun je hierover een regeling treffen, soms zelfs een aparte lening, al is de rente daarop niet aftrekbaar. Het belangrijkste is dat je niet wegloopt voor het probleem: maak een realistisch aflosplan en bespreek de mogelijkheden met je geldverstrekker. Met aflossen en een gezonde buffer blijft een restschuld in de praktijk voor de meeste huiseigenaren een theoretisch risico.